Voorbij de zeventig (2)

(in mineur)


hij heeft zijn beste tijd gehad

voortgaan wil niet meer zo goed
en o, wat komt hij traag op gang
versnellen is voorbij
hij freewheelt wat
blijft liever in zijn vrij

het krakkemikt en mankt
in lijf en lid en leden
een flinke barst in voorruitzicht
de uitlaat lekt en roest
met snot en rochelhoest
en weinig cc libido

omhoog gekrikt, met open klep
laat hij lijdzaam met zich doen
men buigt zich diepgaand over hem
men sleutelt wat
en geeft een spuit
wat maakt het uit

met smeer en pleisterwerk
mag hij weer op de lange baan
op weg waarheen?
hij hort en stoot en
pruttelt nog wat na
verdomt het binnenkort


Geplaatst op 1 mei 2013 in Poëzie